Afschaffing van de strafrechtelijke immuniteit voor publiekrechtelijke rechtspersonen

Bij wet van 11 juli 2018 gepubliceerd in het staatsblad van 20 juli 2018 en derhalve van toepassing vanaf  30 juli 2018, werd de strafrechtelijke immuniteit van publiekrechtelijke rechtspersonen afgeschaft.

Het laatste lid van artikel 5 van het Strafwetboek dat de federale staat, de gewesten, de gemeenschappen enz. als niet strafrechtelijk verantwoordelijke rechtspersonen beschouwde werd afgeschaft.

Dit impliceert dat vanaf nu ook de publiekrechtelijke strafrechtelijk kunnen worden vervolgd. De publiekrechtelijke personen worden nog wel benoemd in de nieuwe wet, doch onder artikel 7bis dat de straffen omschrijft die toepasselijk zijn of misdrijven gepleegd door rechtspersonen.

Er blijft nog wel een ernstig verschil bestaan in de wijze van bestraffing.

Ten aanzien van de publiekrechtelijke rechtspersonen kan enkel, met uitsluiting van elke andere straf, de eenvoudige schuldverklaring worden uitgesproken.

De publiekrechtelijke rechtspersonen worden opgelijst als volgt:

- de federale staat, de gewesten, de gemeenschappen, de provincies, de hulpverleningszones, de prezones, de Brusselse agglomeratie, de gemeenten, de meergemeentezones, de binnengemeentelijke territoriale organen, de Franse Gemeenschapscommissie, de Vlaamse Gemeenschapscommissie, de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie en de openbare centra voor maatschappelijk welzijn.

Waar vroeger de vorderingen tot schadevergoeding dienden ingesteld te worden bijvoorbeeld via de burgerlijke rechter, kan dit thans ook gebeuren binnen de strafrechtelijke procedure.